Protestantse Gemeente te Weesp en Driemond

Kerkblad Onderweg

Logo Wij staan vermeld

Aanmelden Nieuwsbrief

door ds. Marnix van der Sijs
 
Een boekrecensie: 'De trooster' van Esther Gerritsen. Die roman speelt in de Goede week. Het gaat over een Over een trooster die troosteloos achterblijft
Vorig jaar begon ik te lezen op Witte donderdag. De leestijd viel zo samen met de vertelde tijd.
 
deurposten
Het verhaal wordt verteld vanuit het personage Jacob. Jacob is lekenbroeder in een klooster en heeft de functie van koster.
Jacob heeft een voorliefde voor houtbewerking: "Ik herinner me dat ik de deurposten schuurde, dat ik spierpijn had, mijn vingers kapot waren, dat ik het hout blanker en gladder zag worden en ik zeker wist dat ik gelukkig was. Het werk onder je handen zien verbeteren."
De deurposten zullen nog een rol spelen aan het slot van de roman. De geciteerde openingszin draagt de hele roman. Dat is wat Jacob wil: de dingen onder zijn hand verbeteren, maar niet alleen 'de dingen.'
Want op de eerste bladzijde loopt de andere hoofdpersoon het klooster binnen: Henry, een na een schandaal gevallen staatssecretaris die aan een retraite begint. Zijn komst heeft een ontregelend effect op het hele klooster.
 
messiaans
Jacob moet aanvankelijk niets van hem hebben, maar gaandeweg ontwikkelt zich een vriendschap tussen de twee mannen.
Jacob bloeit er door op. In het kielzog van Henry is Jacob in de donkere nacht in de kloostertuin terechtgekomen en wordt geraakt door de schoonheid van de sterren. Hij doet er een religieuze ervaring op:
"Ook gisteren had ik God aanbeden, en hem liefgehad, nu zag ik hem pas goed. Nu hij in deze nacht voor mij stond in al zijn luister, voelde ik dat ik hem terugvond. Mijn handen zochten elkaar en woordloos dankte ik God en de gids die mij naar hem terug had gebracht."
Jacob raakt geobsedeerd door Henry en hij begint zijn kloostertaken te verwaarlozen. Meer en meer vertoont Jacob messiaanse trekken; hij moet Henry redden: "Ik kom je helpen. Ik snap je angst en ik weet hoe ik je deze nacht door krijg."
Tegelijk erkent hij dat hij zelf niet zonder feilen of falen zijn kloosterleven leidt. Alle karakters in de roman zijn gelaagd en alle gebeurtenissen voor meerdere uitleg vatbaar.
Samen gaan Jacob en Henry zich stiekem te buiten aan de miswijn. Nota bene in de sacristie, op de avond van de Witte donderdag.
En bij het kijken naar het Paasvuur, drie dagen later, loopt het echt uit de hand. Jacob bedrinkt zich en Henry verkracht een andere retraitegast.
 
lamskotelet
Tot dan toe werd er wel over 'zonde' gesproken, maar nu heeft Henry het gedaan en hij weet het: 'Ik weet wat zonde is Jacob. De zonde. De ongelovigen vatten het zo veel zwaarder op dan gelovigen. Zij vrezen hel en verdoemenis meer dan ze durven toegeven (...) Ik ben bang, zei hij, voor die God van jou."
En wat volgt is een sober beschreven aanval van godsdienstwaan. Jacob probeert Henry te redden met bloed, het bloed van een lam.
Maar het mes waarmee hij in de keuken probeert een bevroren lamskotelet doormidden te snijden schiet uit "en het enige bloed dat ik opving, was dat van mijzelf."
Zonder kennis van de bijbelse verhalen is deze scène niet te volgen. We moeten ervoor naar de nacht van de uittocht van het volk Israël uit Egypte. Elke familie moest een lam slachten als paasoffer en het lamsbloed aan de bovendorpel en de deurposten strijken. In die nacht ging de doodsengel rond en in de huizen van de Egyptenaren stierf de eerstgeborene, maar aan de huizen die met bloed gemarkeerd waren ging hij voorbij.
 
engel
Dit is de laatste troostpoging door Jacob de trooster.
Henry vertrekt uit het klooster, opgehaald door zijn vrouw, ook een troostende engel. Hij is opgelucht dat het slachtoffer geen aangifte deed. Hij neemt plaats op de bijrijdersstoel van de auto.
Jacobs worsteling is voorbij, maar hij heeft nu zelf troost nodig. Zelfs houtbewerken zit er niet meer in, want er komt er een aannemer om het werk dat hij liet liggen, uit te voeren.
Jacob ziet Henry gaan, met achterlating van de gepleegde misdaad. Hij vindt het maar een griezelig wonder hoe iemand zijn zonden zo kan overdragen.
 
lust
Op de omslag van het boek is een fragment uit de 'Tuin der lusten' van Hiëronymus Bosch afgebeeld. Dat fragment oogt weinig lustvol. Lust is precies wat er mankeert aan de sexualiteit van zowel Jacob als Henry.
Die omslag past bijzonder goed bij het motto dat Gerritsen aan haar prachtige boek meegaf. Het is een citaat de theoloog C.S. Lewis:
"Ik onderzocht mijzelf voor het eerst met een serieus praktische bedoeling. En daar trof ik ontstellende dingen aan: een dierentuin vol begeerten, een gekkenhuis vol ambities, een kleuterschool vol angsten, een harem vol gekoesterde haatgevoelens."
 
Reageren?
marnixsijs@hotmail.com of tel. 035 6312114
 
 
 

Dagtekst Taizé

04 augustus 2020

  • di. 4 augustus
    Jezus zegt: Oordeel niet, opdat er niet over jullie geoordeeld wordt. (Mt 7:1-5)