Protestantse Gemeente te Weesp en Driemond

Kerkblad Onderweg

Logo Wij staan vermeld

Aanmelden Nieuwsbrief

captcha 

1 april, Witte donderdag

Gemeente van Jezus Christus, lieve mensen,
Het verhaal over Jezus die de voeten van zijn leerlingen wast bracht mij terug bij een ervaring van een poosje geleden. We werkten in kleine groepjes. De andere leden van het groepje hadden de uitdaging om jou uit balans te krijgen door te trekken, duwen of wat ze ook maar konden verzinnen. Ik merkte dat ik daar heel strijdbaar van werd en dacht: 'jullie gaan mij niet omver krijgen'.
Vervolgens kwam de opdracht om je te laten dragen door diezelfde personen. Heel voorzichtig je toe te vertrouwen aan hun dragende handen, totdat je helemaal van de grond was. Ik moet heel eerlijk bekennen dat ik dit heel lastig vond. Zouden ze me houden? Ga ik niet vallen?
Iemand uit mijn groep zei achteraf: 'ik vond het heel lastig dat ik wel aan je mocht sleuren en trekken, maar dat het je zoveel moeite kostte om je door mij/ door ons te laten dragen.' Het waren woorden waar ik lang over na ben blijven denken.
Deze herinnering kwam bij mij boven toen ik het verhaal las over Jezus die de voeten wast van zijn leerlingen en de discussie die hij vervolgens heeft met Petrus. Deze lijkt extreem geprikkeld te reageren als Jezus bij hem aankomt en zijn voeten wil wassen. 'Mijn voeten zult u niet wassen, nooit, tot in eeuwigheid niet!', zo zegt Petrus.
Waarom reageert hij zo? Hij zou toch zo onderhand gewend moeten zijn dat Jezus de dingen anders aanpakt. Wat zorgt er dan voor dat bij Petrus de haren recht overeind gaan staan?
Waarschijnlijk is dat het feit dat Jezus alle machtsverhoudingen helemaal omdraait. Voor Petrus is Jezus zijn meester en leraar. Hij loopt voor hem het heilig vuur uit de sloffen. Niets is te dol en alles wil Petrus voor Jezus doen. Het enige dat Jezus deze keer van hem vraagt is te blijven liggen en te ontvangen. Kennelijk is dat moeilijker dan gedacht. Ik herkende dat ongemak dus wel.
Het typische aan dit verhaal is, dat in het verhaal zelf de symbolische handeling van Jezus op twee verschillende manieren wordt uitgelegd. Als Jezus weer is gaan zitten legt hij zelf aan zijn leerlingen uit wat hij gedaan heeft. Hij de meester, de Heer kiest ervoor om de minste te zijn. Zij liefde is een dienende liefde die tot het uiterste gaat, zo laat zijn symbolische handeling zien. Jezus roept zijn leerlingen op zijn voorbeeld te volgen.
Dit is een belangrijke les die we niet moeten vergeten. Zeker in een wereld waar hard geschreeuwd wordt om een eerlijke verdeling van vaccins en de armste landen van de wereld vervolgens het nakijken hebben. Zoals in zoveel zaken… De ander dienen zoals Jezus doet, is en blijft een radicale boodschap.
Aan deze oproep om Jezus voorbeeld te volgen gaat de discussie met Petrus vooraf. Deze discussie heeft zijn eigen accent. Want stiekem denk ik dat Petrus met die oproep van Jezus nog wel wat kon. Jezus' voorbeeld volgen: Petrus doet niets liever dan dat.
Maar eerst vraagt Jezus dus dat Petrus zich laat wassen. Daarmee gaat de blik naar het kruis. Naar de overwinning die daar behaald wordt op alles wat onrein maakt, alles wat de afstand tussen God en mens vergroot. Daar bij dat kruis staat Petrus, staan wij als mens machteloos. Daar kunnen wij niets 'doen'. Daar kunnen we alleen Jezus liefde tot het einde met open handen ontvangen.
In het pakketje voor de diensten van deze week zat voor vandaag, naast een pakje drinken en twee matzes, een lapje stof. Een symbool voor Jezus die de voeten van 'de zijnen', van ons wast en afdroogt met de linnen doek om zijn middel. Een getuige van zijn liefde tot het uiterste.
Die dienende liefde is er niet alleen om te geven, maar juist ook om te ontvangen. De vraag is: Mag een a(A)nder wat voor jou doen, zelfs als het die ander wat of zelfs alles kost? Wie mag onze voeten drogen? Wie mag jou dienen met zijn of haar liefde om zo Jezus' eigen liefde tastbaar te maken in jouw leven?
Dat dit kleine stukje stof voor ons, voor jou en mij, een herinnering mag zijn aan het feit dat wij allereerst stil mogen vallen om Jezus' liefde te ontvangen. Vandaag en de dagen die zullen volgen.
Amen
 
 
Tafelverhaal Witte Donderdag
Het is feest, het Pesachfeest. Vanavond is die bijzondere maaltijd waarin met allerlei vaste rituelen de bevrijding uit Egypte gevierd wordt. Niet alleen gevierd. Nee, deze avond zal de bevrijding herbeleefd worden. Het zal voelen alsof wijzelf in Egypte staan. Klaar om aan een nieuw leven te beginnen. Om nooit te vergeten dat God nog steeds een God is die mensen bevrijdt!
Veel van de leerlingen van Jezus zien er naar uit om deze avond het feest te vieren. Een paar anderen delen deze blijde stemming minder. De spanningen die de afgelopen weken voelbaar opgelopen zijn zitten hen dwars. Er staat iets te gebeuren, maar wat????
De leerlingen vragen Jezus waar hij vanavond met hen het feest wil vieren. Raadselachtig is het antwoord dat hij geeft. Hij roept twee van zijn leerlingen bij zich en vertelt hen dat ze naar de stad moeten gaan. Daar zullen ze een man tegenkomen die een waterkruik draagt. Vreemd want normaal is dat vrouwenwerk. Dat nooit overdag gedaan wordt omdat het dan veel te warm is. In het huis waar deze man naar binnengaat zal er een zaal zijn waar alles voor hen klaar staat.
Hoe kan Jezus dat weten? Is hij daar soms eerder geweest? Maar dat kan niet, want ze zijn de hele tijd bij hem geweest. Ze snappen er niets van. Toch vertrouwen ze Jezus genoeg om op weg te gaan. Tot hun grote verbazing is het precies zoals hij gezegd heeft!
Als het avond is geworden is iedereen aanwezig. Het is gezellig en vertrouwd. Zelfs de leerlingen die eerder nog gespannen waren durven wat te ontspannen. Tot Jezus het woord neemt. De hele groep wordt stil en kijkt verwachtingsvol naar Jezus. Ze kunnen echter bijna niet geloven wat hij zegt. Jezus heeft het over verraad. Hebben ze het echt goed verstaan? Iemand uit hun groep die Jezus zal uitleveren bij de autoriteiten?
Als de boodschap tot ze doordringt worden ze stuk voor stuk verdrietig. Dit kan toch niet? 'Wie is het die dit zal doen?'. Niemand is zeker van de ander. Niemand is zeker van zichzelf. Wat weet Jezus over mij dat ik misschien nog niet eens zelf weet? 'Ik ben het toch niet?' vraagt de een na de ander.
Er is er één in de groep die de boodschap heel goed begrijpt. Judas weet niet goed hoe zich een houding te geven. Hij probeert niet op te vallen. Maar hoe doe je normaal als niets normaal meer is?
Jezus laat zich niet verleiden om de schuldige publiekelijk aan de schandpaal te nagelen. Hij én Judas weten zo ook genoeg. Wel spreekt hij harde woorden die niet bij hem te lijken passen. Dat het lot van de schuldige vreselijk is. Dat hij beter niet geboren had kunnen worden.
Wat is er gebeurd met genade? Waarom zo onbarmhartig? Of doelt Jezus op het feit dat het soms het moeilijkst is om verder te leven met de consequenties van de keuzes die wij zelf gemaakt hebben?
De avond wil niet meer gezellig worden. Er hangt een donkere wolk boven de groep vol onbeantwoorde vragen. Te midden van al die verwardheid neemt Jezus nog een keer het woord. Of nou ja, neemt het woord…. Op deze avond vol symbolische en rituele handelingen wordt juist wat Jezus doet het bijzonderste.
Hij neemt een matze. Een ongerezen brood dat herinnert aan de haast waarmee het nieuwe leven ooit begon.
Dat brood neemt hij in zijn handen,
dankt God zijn Vader,
breekt het
en geeft iedere discipel een stukje.
Ja iedere discipel, dus ook Judas. Hem geeft Jezus ook een deel van het gebroken brood. En als ze alle 12 een stuk hebben gehad zegt Hij: Neem dit aan, dit is mijn lichaam.
Zijn lichaam dat gebroken gaat worden voor iedereen, voor alle mensen. Hij gaat stuk, zoals wij mensen stuk kunnen gaan. Aan het leven, aan wat ons overkomt, aan wat we zelf gedaan hebben. Ik deel in jullie gebrokenheid en jullie delen in die van mij. Zo zijn jullie verbonden, met mij en met elkaar, zo laat dat kleine stukje brood zien. In die verbondenheid begint voor een ieder van jullie het nieuwe leven.
Daar blijft het niet bij. Jezus pakt vervolgens een beker van de tafel.
Opnieuw dankt hij God zijn Vader,
hij geeft hem door aan de kring van zijn leerlingen.
allemaal drinken ze uit die ene beker.
Met de smaak van de wijn nog op hun tong zegt Jezus: dit is mijn bloed, het bloed van het verbond, het nieuwe verbond, dat voor velen vergoten zal worden. Het is Gods liefde die stroomt. Zijn ja-woord voor de mensheid, dat hier opnieuw klinkt. Vanaf die dag tot de dag dat Gods koninkrijk komt.
Zo vierde Jezus zijn laatste maaltijd met al zijn leerlingen. Maar het verhaal gaat verder. 'Doe dit telkens opnieuw om mij te gedenken' is de opdracht waarmee Jezus zijn leerlingen achterlaat. Elke keer dat wij de maaltijd vieren vervolgen wij dit verhaal.
Vanavond ligt bij ons de matze klaar om gebroken te worden en staat er een beker om uit te drinken. Zo gedenken wij Jezus' levensweg langs lijden en dood. Meer nog, al vieren wij vanavond in onze eigen huiskamers het avondmaal, al missen we het ontzettend om dit fysiek samen in de kring te vieren, in brood en wijn mogen we proeven dat Jezus deelt in onze gebrokenheid en dat wij delen in zijn lijden om als de tijd daar is samen met hem te mogen opstaan.
Laten we luisteren naar Spaanse passiemuziek
En ondertussen het brood des levens en de wijn van het koninkrijk proeven.