Het doel van ons gemeente-zijn is dat we als gemeente(leden) groeien in de verborgen omgang met God, groeien in de onderlinge gemeenschap, samen één zijn in veelkleurigheid, verbonden met, gastvrij naar en dienstbaar aan de samenleving en de wereld.

10 april 2022 – Palmpasen

Gemeente van Jezus Christus,

‘Dat is een mens uit één stuk’, is een uitdrukking die we in het Nederlands kennen. Als je dat over iemand hoort zeggen dan weet je waar je aan toe bent. Het is iemand die weet wat hij of zij wil, die geen twijfel kent en die staat voor zijn of haar mening. Dat klink heel aantrekkelijk. Vooral omdat het zo lekker duidelijk is. Ja is ja en nee is nee.
Toch zit er iets raars in het beeld. Als mens kennen we in ons leven zoveel verschillende rollen. We zijn kind, broer, zus, partner, ouder, vriend, buur, collega en noem maar op. Het kan toch niet zo zijn dat je in alle situatie precies hetzelfde bent? Als dat zo zou zijn dan is een mens uit één stuk heel star en rigide. Dan word je een soort karikatuur van jezelf, in plaats van dat je in diverse omstandigheden herkenbaar jezelf blijft.

Hoe realistisch is het om als ideaal te hebben om een ‘mens uit één stuk’ te worden in een wereld die vaak zo diffuus is en waar goed en fout niet altijd scherp uit elkaar te houden zijn? Hoe realistisch is dat ideaal als we eerlijk bij onszelf naar binnen kijken en weten hoe vaak we op twee gedachten hinken zonder te kunnen kiezen? Ik ben zeker niet altijd consequent in wat ik doe en zeg. Dat zullen mijn kinderen zeker bevestigen.

Op die, soms misschien wat pijnlijke, plek legt de combinatie van lezingen de vinger. Samen zorgen ze ervoor dat Palmpasen nooit een ‘dag uit één stuk’ wordt, maar altijd blijft schuren en wringen. Want aan de ene kant hoorden we over Jezus die Jeruzalem nadert en door de leerlingen toegezongen wordt. Ze loven God voor alle bijzondere dingen die ze door Jezus hebben zien gebeuren. Aan de andere kant hoorden we over de schreeuwende menigte bij Pilatus: ‘Weg met hem!’, ‘Kruisig hem!’, zo klinkt het.
‘En Pilatus leverde Jezus uit aan hun willekeur’, is de conclusie van de evangelist Lucas na de scène bij Pilatus. ‘Dit is uw opgang naar Jeruzalem’, zo zingt het lied van Willem Barnard om te eindigen met ‘heden hosanna, morgen kruisig Hem!’.
Au! Kan dat niet wat anders? Moet het nu zo confronterend? Zijn er niet wat verzachtende omstandigheden?
De evangelist Lucas maakt het zelfs nog wat bonter. Misschien is het niet eens op gevallen, maar in het verhaal over Jezus die Jeruzalem nadert is er bij Lucas zelfs geen menigte die hem welkom heet. Er zijn geen palmtakken die gezwaaid worden of mensen die hem uit de stad tegemoet komen. Het zijn alleen de leerlingen hun jassen op de ezel en op de grond leggen. Zij, die met Jezus meegetrokken zijn, eren God om wat ze gezien hebben.
Maar ook zij zullen maar gewoon mensen blijken te zijn. Gevoelig voor de loop van de gebeurtenissen, vatbaar voor angst en dreiging. Judas zal hem verraden, Petrus zal ontkennen dat hij Jezus kent en de rest laat hem in de steek.
Wanneer de menigte wel in beeld komt bij Lucas spelen ze een bepalende, maar niet zo positieve rol. Bij het paleis van Pilatus, als Jezus daar voor de 2e keer staat, laten ze luidkeels van zich horen. Dat gaat van kwaad tot erger. Hoe meer Pilatus hen probeert te overtuigen en met argumenten komt voor Jezus’ onschuld hoe harder er geschreeuwd wordt. Er is hier een trein gaan rijden die niet meer gestopt kan worden. Er zullen vast wel mensen in de menigte gestaan hebben die er zo hun bedenkingen bij hadden, maar hun stem wordt niet meer gehoord. Het gaat hier niet meer om recht en rechtvaardigheid. Een dynamiek die helaas heel herkenbaar is in deze tijd van desinformatie, halve waarheden en propaganda.
Was Pilatus dan uiteindelijk een man uit één stuk? Ik denk van niet. Hij wist dat Jezus onschuldig was, maar liet zich toch door hen ompraten. Dat had hij niet hoeven doen, want de Romeinen trokken zich eigenlijk bijna nooit iets aan van wat het Joodse volk ergens van vond. Nu is hij gevoelig voor de sfeer op het plein. Hij laat zich ompraten en doet iets waar hij dus ten diepste niet achterstaat.
De enige in dit hele evangelieverhaal die een mens uit één stuk is en toch geen karikatuur wordt van zichzelf is Jezus. We lezen hoe hij vlak voor Jeruzalem de regie in handen neemt. Als het verhaal omslaat en we vlak voor Jeruzalem staat dan is het Jezus die het initiatief pakt. Hij stuurt leerlingen erop uit om het rijdier te halen dat bij hem past. Geen machtig paard, maar een jonge ezel waar nog nooit iemand op gereden heeft. Zo zet Jezus de toon voor wat komen gaat. Ja hij is een koning, maar anders dan iedere andere koning.
De theoloog en filosoof Soren Kierkegaard heeft het over Jezus’ vrijwillige machteloosheid. Jezus kiest ervoor om geen macht te gebruiken. Hij had zeker de macht om van alles te veranderen aan de loop van de gebeurtenissen die komen gaan. Toch kiest hij ervoor om dat niet te doen.
Kierkegaard maakt daarbij onderscheid tussen macht en gezag. Macht is wat de ene mens belangrijker maakt dan de andere. Macht verandert mensen, maakt ze egoïstisch en gericht op hun eigen belang. Gezag is iets wat je hebt en toegekend wordt door de ander. In wie je bent en wat je doet neem je de ander mee in de beweging die jou voor ogen staat. Dat is een gezag dat volgens Kierkegaard Jezus heeft, juist doordat hij ervoor kiest om machteloos te zijn.
Het is niet Pilatus die Jezus uitlevert aan de menselijke willekeur, dat doet Jezus zelf. In het geschreeuw en lawaai van deze verhalen gaat Jezus zijn eigen weg. Wat er gebeurt laat hem niet onberoerd. Dat laten zijn tranen wel zien. Tranen die hij huilt als hij de stad ziet en als hij in Getsemane opeens ontzettend bang is. Het raakt hem diep. Vooral het feit dat uiteindelijk iedereen, zelfs zijn eigen Vader hem in de steek laat.
Jezus ondergaat de menselijke willekeur, de onrust en onrechtvaardigheid. Net zoals zoveel mensen zijn tijd, maar ook in de onze, lijkt hij zijn leven te verliezen aan de macht en onmenselijkheid van anderen. Hij is onderdeel en slachtoffer van een hele tornado aan politieke spelletjes en verweven belangen. Hij ondergaat al die die krachten waardoor het eigenlijk onmogelijk is mens uit één stuk te zijn.
En toch verliest hij nooit de regie. Door zijn vrijwillige machteloosheid laat Jezus zien wat de andere weg is die mogelijk is. Meer nog hij ís die weg. De weg van een koning die dient. Een weg die pas achteraf, terugziend begrepen kon worden. Het is de weg van Gods droom, zijn koninkrijk. Zo radicaal anders dat het wereldvreemd was, is en blijft. Daarmee tegelijk onze hoop dat die nieuwe tijd eens echt definitief zal komen.
‘Heden hosanna, morgen kruisig hem’, die willekeur zal onlosmakelijk deel uit blijven maken van ons leven. Zeker omdat de wereld niet zwart-wit is, maar grijs en wij niet de vermogens hebben om alles te overzien. Dat zal blijven schuren zoals de Bijbelverhalen van vandaag dat doen omdat we zo graag anders zouden willen. Omdat we niet alleen mensen, maar ook gelovigen uit één stuk zouden willen zijn. Als wanhoop ons dan dreigt te overvallen, mogen we ontdekken dat Jezus zich aan die willekeur heeft uitgeleverd omdat hij het aankon. Hij is staande gebleven, om dat andere geluid te laten klinken. Het geluid dat zo vaak overstemd wordt in onze wereld. Het geluid van barmhartigheid, liefde en trouwe verbondenheid.
Dwars door alle chaos heen is dat Gods nieuwe weg die Jezus voor ons opent. Daarheen mogen wij op weg gaan komende week.
Ik wil afsluiten met het gedicht Chesed van Evelijne Swinkels – Braaksma
Chesed betekend genegenheid, trouw of verbondenheid
In de hardheid van geluiden,
het lawaai van deze tijd,
zoek ik naar een zachter fluist’ren
woorden van barmhartigheid
Ach, het leven hier op aarde
maakt mij soms ontroostbaar moe.
Als mijn hart mij niet bewaarde
was ik aan mijn einde toe.
Spreek mij aan, wil mij toch noemen
namen van zorgvuldigheid.
Kom met mij de liefde roemen,
zing een lied dat mij verblijdt.
In de stilte zacht geborgen
vang ik woord en melodie.
In de nacht wacht ik de morgen.
Geef mij ogen dat ik zie.
Elk verleden heeft een toekomst.
Wat die brengt? Ik weet het niet.
Leer mij tekens, tot het uitkomt,
te verstaan opdat ik zie.
Amen