Het doel van ons gemeente-zijn is dat we als gemeente(leden) groeien in de verborgen omgang met God, groeien in de onderlinge gemeenschap, samen één zijn in veelkleurigheid, verbonden met, gastvrij naar en dienstbaar aan de samenleving en de wereld.

2 september 2007

ds. Wim Lamfers

Liturgie 2 september 2007:

VOORBEREIDING

Mededelingen

Zingen: Psalm 86:1, 2, 4 en 5

Bemoediging en drempelgebed: DB, 775 nr. 34

Na ons kyriëgebed dat wij besluiten met zingen van het Kyrie eleison (DB, 588 nr. 19) zingen wij als Gloria: Gezang 147.

DE SCHRIFTEN
Groet: DB, 610, nr. 41
 
Gebed van de zondag: DB, 458a en c en 460a.
Kinderen naar KND

Evangelielezing: Lukas 14:1, 7-11
Epistellezing: Filippenzen 2:1-7
Zingen: Gezang 70
Na de verkondiging zingen wij: Psalm 40:1, 2 en 7

    De manier alleen al waarop zij Jezus in de gaten houden. Dat mensen niets beters te doen hebben dan medemensen zo nauwgezet te observeren. En maar kommentaar leveren! Is het niet zielig?
Farizeeërs leven geobsedeerd door wat andere mensen denken en doen. Farizeeërs weten alles van een ander en denken het altijd beter te weten. Farizeeërs kunnen medemensen eenvoudigweg niet de nodige ruimte bieden om zelf invulling te geven aan een goed leven. Alleen maar restricties, alleen maar geroddel. Jezus heeft het helemaal met dit kleinzielig gedoe gehad. Vandaar deze gelijkenis.
    Jezus stelt andere prioriteiten. Jezus kijkt anders naar mensen. Hij kleineert mensen niet, maar bevordert juist hun zelfredzaamheid, hun zelfvertrouwen. Daartoe kijkt hij met ontferming bewogen naar anderen. Geen muggenzifterij, maar vriendelijkheid en vertrouwen. Menslievendheid in plaats van jaloezie en haat. Jezus leeft niet standsbewust. Dat geeft Hem een enorme vrijheid. Daardoor kan Hij ons inzicht schenken in het bekrompen gedoe in veel intermenselijke verhoudingen. Ga je nu zo met een medemens om? Telkens weer stelt Hij ons die vraag, in allerlei gelijkenissen, opdat wij eindelijk doorhebben welke reikwijdte dat gebod je naaste lief te hebben heeft, hoeveel goeds ons dat gebod brengt, hoe daadwerkelijk leven uit dat gebod het leven kan veranderen.
    De uit hoge hemel neergedaalde Heer is steeds weer bescheiden, allesbehalve klassebewust. Hij mengt zich spontaan onder de mensen en geeft niemand het gevoel niet in tel te zijn. Integendeel: voor iedereen heeft Hij aandacht, voor iedereen heeft Hij een goed woord. Steeds weer acht Hij de ander uitnemender dan zichzelf. ‘Kom vriend, hogerop.’ Je verdient een betere plaats, naast Mij. Wie altijd achteraan komen krijgen rond Jezus een kick. Opeens horen ze er ook bij, eindelijk worden ook zij serieus genomen. Voor hen geen grauw en een snauw, maar een vriendelijk woord. Eindelijk ervaren ook zij geborgenheid. Eindelijk ervaren ook zij hoe goed dat aanvoelt. Er zijn meer mensen dan U denkt die dat nodig hebben. De onzekerheid onder de mensen is groot, het zelfvertrouwen van velen gering. Dan doet een vriendelijk woord je o zo goed. Dat geeft je weer vertrouwen, moed op het leven. ‘Vriend, kom hogerop’; je verdient het.
Waar GOD maaltijd houdt met zijn mensen gaat het heel anders toe dan als WIJ een diner organiseren. Rond God zijn in geen velden of wegen rangen en standen te bekennen, omdat God een GULLE gastheer is, geen pietlut, geen muggenzifter, die mensen alleen maar hoogst on-zeker maakt. God vangt juist mensen op, geeft hun een steuntje in de rug, geeft hun het nodige zelfvertrouwen. Opgelucht komen mensen naar voren. Eindelijk zijn ze gezien. Dat doet een mens zo goed. Continu vangt Jezus mensen op. Continu schenkt Hij mensen zelfvertrouwen. Continu staat Hij voor anderen klaar. Dat is het geheim van zijn populariteit. Mensen voelen zich bij Hem op hun gemak, niet langer bekeken, niet langer gekleineerd dus onderdanig, vernederd, maar vrij.
Farizeeërs trappen medemensen alleen maar de goot in. Farizeeërs maken alleen maar slachtoffers. Jezus doet het tegendeel: Hij redt mensen uit de nood, Hij trekt hen uit een diepe put omhoog. Kom vriend, jouw plaatsje is hogerop. Stijg boven de moeilijkheden uit. Durf te leven. Ik sta achter je. Zo worden jarenlang gespannen verhoudingen verrassend, maar juist daarom op een heilzame wijze doorbroken. Zodoende blijken vastgeroeste patronen opeens heel anders te kunnen lopen. Dan kunnen mensen, die zijn vastgelopen in het leven, eindelijk verder. Dat geeft mensen moed, de moed op het leven die zij zo nodig hebben, dat beetje zelfvertrouwen waar geen mens buiten kan.
God stelt ons steeds weer in de ruimte. God bevrijdt ons uit beklemmende verhoudingen, maakt mensen van ons, die in alle opzichten vrij zijn. Daarom vraagt God ons: hoeveel ruimte geeft U aan anderen? Weg vernederingen, weg ellebogenwerk. Ruimte creëren, zelfvertrouwen creëren, creatief bezig zijn ter wille van medemensen voor wie geen ruimte was in het leven, ter wille van medemensen die niet mochten worden gezien. Dat is de ethiek, de weldadige levenskunst die Jezus ons hier meegeeft. Een gebod dat iedereen goed doet, gever en ontvanger, wie ruimte maakt en wie speelruimte ontvangt. Ongedwongen mogen wij spelen voor Gods aangezicht; homo ludens coram Deo.
Of hebben ook WIJ de nodige bezwaren, omdat we dat niet kunnen: ruimte scheppen. Kunnen we dat niet, omdat we zelf te veel ruimte nodig hebben, omdat we te veel ruimte voor onszelf opeisen? Waarom schatten we onszelf toch te hoog in? Is dat soms omdat we eigenlijk hoogst onzeker zijn? Is dat soms omdat we ons gebrek aan zelfvertrouwen aan alle kanten proberen te verdoezelen, diep wegstoppen? Maar kom je daar verder mee, met verstoppertje spelen? Kom je daar verder mee, met jezelf voor de gek houden, jezelf misschien nog wel meer dan anderen voor de gek houden?
Wie zijn wij zelf eigenlijk? Waar zitten WIJ aan tafel? Vooraan, achteraan, ergens in het midden, op een onopvallende plaats?
Jezus is er niet alleen om anderen te genezen, nee, ook om van onszelf een beter mens te maken. Ook ons wil Hij helpen, opdat alle mensen op een heilzame wijze met elkaar samenleven. Daarom organiseert Hij hier een stoelendans, waarbij Farizeeërs op hun bek gaan. Dat is trouwens niet de enige keer. Farizeeërs zijn blijkbaar nogal hardleers.
‘Kom vriend, hogerop’. Hoor eens, wat een vriendelijke uitnodiging. Neem zonder enige schroom plaats aan de tafel van de Heer. U bent meer dan welkom, naast de gastheer. Amen.

Gesprek met de kinderen.

GAVEN EN GEBEDEN

Wij collecteren voor de kerk en het werelddiakonaat

Gebeden

Wij zingen: gezang 482:1, 2, 3, 7 en 8.

Gezongen zegen